Zwangerschap en bevalling bij hEDS
Complicaties bij zwangerschap en de bevalling wordt vaak gezien bij hEDS. Hierbij wordt met name een toename van symptomen gezien, met nadruk op gastro-intestinale klachten, vermoeidheid en pijn (40%). Bij 13% van de zwangere vrouwen met hEDS wordt een mysterieuze afname van symptomen ervaren en in 47% van de gevallen blijven de klachten stabiel. Wat in bijna alle gevallen wel wordt ervaren is een toename van bekkeninstabiliteit. Een derde van de dames had een vlotte, snelle bevalling. Hier kleeft wel een risico aan.
Als het kind binnen 2 uur na volledige ontsluiting het geboortekanaal verlaat, ontstaat het risico dat het staartbeen naar binnen kantelt omdat het geboortekanaal nog niet voldoende week was voor de uitdrijving. Kanteling van het staartbeen zorgt voor een trekkracht op het dura mater (ruggenmergvlies) vanwege diens aanhechting op het staartbeen en op de schedelbasis. Tijdens de uitdrijving oefent het dalende hoofd van de baby druk uit op de onderkant van het bekken. Dit kan leiden tot een achterwaartse of asymmetrische beweging van de staartbotjes afhankelijk van geboortebewegingen. Onderzoek toont dat de staartbotjes tijdens bevalling kan bewegen en dat er blijvende veranderingen in positie kunnen optreden ten opzichte van het heiligbeen.
De trekkracht die op het ruggenmerg komt te staan heeft effect tot in het brein. Om het brein loopt het ruggenmergvlies (wat overigens ook bestaat uit bindweefsel) doorloopt in het hersenvlies. De hypofyse (figuur hieronder: roze kleur) ligt aan de onderkant van het brein direct tegen het hersenvlies (gele kleur) aan zie de figuur hieronder.
Figuur: https://www.hersenletsel-uitleg.nl/gevolgen-per-hersengebied/hypofyse
Spanning op het hersenvlies geeft een directe, negatieve invloed op het functioneren van de hypofyse. Dit onderdeel maakt 9 verschillende hormonen aan:
1. ACTH (dit stimuleert de bijnier om cortisol aan te maken wat nodig is voor een immuunreactie bij een ziekteverwekker of stressvolle situatie maar ook om daarna het lichaam weer te herstellen)
2. LH (bij vrouwen zorgt dit voor de eisprong en de productie van oestrogeen en progesteron, bij mannen stimuleert dit de aanmaak van testosteron)
3. FSH (zorgt voor de rijping van de eicel bij vrouwen en rijping van zaadcellen bij mannen)
4. Prolactine (stimuleert de aanmaak van moedermelk)
5. TSH (schildklierhormoon)
6. GH (groeihormoon)
7. ADH (regelt de water- en zouthuishouding in het lichaam)
8. MSH (stimuleert de aanmaak van melanine voor de pigmentatie van de huid en werkt als eetlustremmer)
9. Oxytocine ("knuffelhormoon")
Bij spanning op het hersenvlies kan de hypofyse niet adequaat zijn werk doen en de geproduceerde hormonen afgeven aan het zuurstofarme bloed om zo naar de targetorganen getransporteerd te worden. dit resulteert in allerlei mogelijke klachten:
- moodswings
- heftige en onvoorspelbare menstruaties,
- depressieve stemmingen
- verminderd libido
- concentratieproblematiek
- overprikkeling
- geheugenproblematiek
- extreme vermoeidheid
- diabetes (zowel mellitus als insipidus waarbij een verandering optreedt aan de hoeveelheid urine dat uitgeplast wordt)
en in ernstige gevallen zien we geregeld een postnatale depressie bij moeders die net zijn bevallen van hun kind.
Velen volgens hiervoor therapie, gebruiken medicatie en voelen zich ontzettend schuldig richting zichzelf, hun kind en gezin.
De praktijk leert, dat deze klacht relatief 'simpel' op te lossen is met een decoaptatie (manipulatie) van het staartbeen, door een osteopaat, manueel therapeut of chiropractor met kennis van EDS) zodat de spanning verdwijnt van het ruggenmerg en bij strekking daarvan het hersenvlies. Daardoor krijgt de hypofyse de ruimte weer om alle aangemaakte hormonen af te geven aan het bloed en zullen de targetorganen weer de juiste hoeveelheden ontvangen.
Bron: Alen, S et Dirckx, F. (2024) ICREO.